De gemeenten in Flevoland en Gooi en Vechtstreek kregen in maart van het Rijk de opdracht om per veiligheidsregio 2000 vluchtelingen uit Oekraïne op te vangen. Gemeenten, Bevolkingszorg en veiligheidsregio’s werken intensief samen om aan deze opdracht te voldoen. Na de coronacrisis weer een opgave waarin de Veiligheidsregio’s Flevoland en Gooi en Vechtstreek zo veel als mogelijk gezamenlijk optrekken.

Enorme klus

‘Het was begin maart best even zoeken naar de taakverdeling tussen de gemeenten in Flevoland en Gooi en Vechtstreek en de betrokken veiligheidsregio’s’, vertelt directeur Bevolkingszorg Erik Kuijt. ‘Er kwam met de opvang van 2000 vluchtelingen uit Oekraïne per regio een enorme klus op ons af, die voor het overgrote deel geklaard moet worden door de gemeenten. De gemeenten gingen meteen op zoek naar opvanglocaties en richtten deze locaties waar mogelijk in. Later kwam hier de opvang van 100 reguliere vluchtelingen per regio nog bij. Al met al heeft dit vraagt dit veel capaciteit van de gemeenten. Ter illustratie: in elke gemeente zijn tientallen en soms wel honderd mensen betrokken bij de opvang van de Oekraïners en de andere vluchtelingen.’

Rol veiligheidsregio

In de opdracht van het Rijk kregen de veiligheidsregio’s de coördinerende rol toebedeeld. De invulling van deze rol werd bemoeilijkt door de grote inzet van gemeentelijk personeel. Erik Kuijt: ‘Vanuit de gemeenten was het moeilijk om de kolom Bevolkingszorg -met haar kleine aantal vaste personeelsleden- langdurig te ondersteunen bij het coördineren van de opvang. Begrijpelijk natuurlijk. Ook op dit moment werd de kracht van de samenwerking tussen de Veiligheidsregio’s Flevoland en Gooi en Vechtstreek en de verschillende diensten zichtbaar. Op de dag dat we de hulpvraag stelden kregen we binnen een uur ondersteuning van medewerkers van de brandweer. Zij zorgden voor een belangrijke aanvulling van de bemensing van het team Regionale Coördinatie Vluchtelingen Spreiding (RCVS). Dit team draait momenteel nog volop en inventariseert bij de gemeenten in onze twee veiligheidsregio’s de locaties waar vluchtelingen kunnen worden opgevangen. Bovendien is het RCVS de verbinding naar de Landelijke Coördinatie Vluchtelingen Spreiding (LCVS), zodat er landelijk een goed beeld is van de beschikbare opvangplekken. Daarnaast mogen we ook de GGD/ GHOR niet vergeten. Voor de coördinatie van de geneeskundige zorg van de Oekraïense vluchtelingen in de opvanglocaties, is de stafsectie GHOR actief. Dit is een complexe aangelegenheid, zeker in die gebieden in onze veiligheidsregio’s waar de druk op de zorg door schaarste al hoog is.’

Prioriteit

‘We hebben na de vraag vanuit het Rijk en de hulpvraag vanuit Bevolkingszorg direct prioriteit gegeven aan de ondersteuning van Bevolkingszorg en van de gemeenten’, vertelt John van der Zwan, directeur van de Veiligheidsregio’s Flevoland en Gooi en Vechtstreek. In het RCVS springen we bij met mensen van de brandweer, maar de ondersteuning gaat veel verder dan dat. Een voorbereidingsstaf richt zich op mogelijke risico’s en consequenties van de oorlog in Oekraïne, een ondersteuningsstaf verzorgt de informatie aan de besturen van de veiligheidsregio’s en de burgemeesters en ook op het gebied van communicatie vindt er afstemming plaats. Met deze staven werken we voor beide regio’s. Door de samenwerking hebben we de capaciteit om die ondersteuning te leveren. Een vanuit de coronacrisis beproefde werkwijze.’

Registratie

Daarnaast is er voor de veiligheidsregio’s een belangrijke rol weggelegd in het in beeld brengen van de kosten. In de gemeenten en in de veiligheidsregio’s worden kosten gemaakt voor de opvang van vluchtelingen. Van der Zwan: ‘Het Rijk is bezig met een regeling voor de financiering van al deze gemaakte kosten. Wij brengen de kosten in kaart en coördineren de declaraties die vanuit de gemeenten komen. Verder proberen we naar gezamenlijke inkoop te kijken en naar mantelcontracten voor de inhuur van tijdelijk personeel.’

Bestuurlijke processen

Hoewel veel zaken voor twee regio’s gebeuren verlopen de bestuurlijke processen gescheiden. Van der Zwan legt uit: ‘We hebben te maken met twee regio’s met elk hun eigen bestuur en ook hun eigen specifieke vraagstukken. De besluitvorming vindt plaats in de algemeen besturen van beide regio’s. Als samenwerkende veiligheidsregio’s bedienen we de beide besturen.’